En door die toon sloeg Alfriks gezicht om als een biefstuk in de keuken van Jamie Oliver. Hij liep witjes aan en begon te stotteren. “A-a-aber w-w-as ist los dan?” klonk het moeilijk. Vanaf dat moment werd het allemaal vreemd en begreep Alfrik er niks van. De kalerd zei onbeschaamd dat hij Darth Vader speelde in Star Wars Episode 3000 en 1112, wat hem dus automatisch Luke’s vader zou moeten maken, wat dan weer terug zou vallen op het gegeven dat Manogolia Alfrik Luke noemde tijdens de seks. Alfrik was verpletterd. Hij wist niet wat hem over kwam. Deze mysterieuze gehandicapte lederhosen dragende Duitser viel zomaar zijn leven binnen. Hij voelde zich aan zijn linker hand verlamd en zijn rechter hand kreeg spastische trekjes wat hem bang maakte. Stilletjes vertrokken Alfrik en zijn Duitse vader uit de poepbrood verkopende winkel. De Duitse man had zich overigens voorgesteld als Miguel en bedekte zijn kaalheid tijdens de walk-away met een scheve sombrero.
Alfrik schrok bij het zien van de kale knikker, die hem in een paar uur tijd wel genoeg had lastig gevallen. Hij rilde even. “Du wieder?!” schreeuwde hij er wat theatraal uit. Bijna bij de deur struikelde hij over de kruk van de man, viel, en stond weer op. Alfrik zag de mini-halfpipe van de vrouw naderen en vergat de man. De puisten op haar voorhoofd gloeide op als neonletters en van dichtbij kon Alfrik pas echt de grootte ontdekken. En ze waren groot. Heel groot. Aardappel-groot. “Vier euro bitte” stuwde de vrouw met consumptie uit. In haar hand een sandwich, een bruin volkoren pistoletje met een hele ui, gehalveerd op het broodje met schil en al. Schimmelkaas, maar dan op volgens Alfriks vermoeden jong belegen kaas. Een hele knoflook, een halve aubergine en spek. Zwartgebakken spek. Alfrik bestudeerde het broodje aandachtig en gaf de vrouw de vier euro. Hij draaide zich naar de deur, en besefte dat de kale man nog steeds in de winkel stond. “Ich habe etwas verteleln” zei de man met een bezorgde toon.
Op zoek naar een plek om een nieuw bestaan te ontdekken vond hij een bakkerij. Scheiße-Sandwich in gekrulde gouden letters op de antieke gevel. Waterbekkend schoof hij naar binnen. Er was één klant, dat was hij zelf. Hij bestelde: “Allo du! Gibt mir einen sandwich bitte!” De vrouw was verbaast en staarde wat naar Alfrik. Hij staarde terug. Angstaanjagend vies stond ze erbij, vieze vette haren gevolgd door een gerimpeld met puisten bedekt voorhoofd. Het liep richting haar ogen, te ver uit elkaar en verreweg van perfect. Een tumor - wat haar neus moest voorstellen - kwam spontaan te voorschijn, om snel weer te verdwijnen. Tussen haar mond en haar neus, op dat stukje wat op een mini halfpipe lijkt, daar groeide een zwart matrasje van perfect getrimde haartjes. Haar lippen waren zwart, verrot zwart. Kleine velletjes hingen als vleermuizen aan de lip. Tanden had ze niet, of nauwelijks, misschien één of twee maar ze waren niet te zien. Alfrik rilde en voelde zich misselijk worden. Hij liep weg uit de winkel, maar bij de deur werd hij gestopt door een kale vijftiger met maar één been. Dé kale vijftiger met maar één been.
Niek
“ALLES IST LOS DUITS KUTZWIJN, LAAT ME ALLEEN” jammerde Alfrik en maakte hiermee zijn punt duidelijk dat hij liever alleen gelaten wilde worden. De man, een kale vijftiger met maar één been, keek bedroefd op, liep weg op zijn gammele krukken en zei “auf wiedersehn.” Het afscheid van de man schoot Alfrik totaal in het verkeerde keelgat, waarop Alfrik volgde, “AUF WIEDERBEEN, HAARLOSE SCHWEIN.” De man verdween snel - nadat de tirade van Alfrik zijn ziel bereikte - weer tussen de menigte. En de menigte was wel iets vond Alfrik, het was een rumoerig stadje dat Göttingen, dat wel. Maar het authentieke sprak Alfrik wel enigszins aan, behalve het feit, dat 24 jaar na dato, Rick Astley’s hit Never Gonna Give You Up nog steeds overal op straat en in winkels werd gedraaid en verkocht. Alfriks ogen onderzagen de plaat van Rick Astley als warme broodjes over de toonbank gaan en zijn moves door de jeugd geperfectioneerd worden. Thuis luisterde Alfrik veelvuldig naar de Dolly Dots,Discomuziek en Bruno Mars. Maar Rick Astley, daar had hij altijd een broertje dood aan gehad.
Stefan
Wit, zwart, paars, groen. De kleuren teisterden zijn brein. Als het kon zou hij op zijn knieën vallen, maar daar was niet genoeg ruimte voor. Binnen een mum van tijd voelde Alfrik een zomers briesje door zijn grijze haren. Zijn ogen bleven een paar tellen gesloten, tot ze langzaam tot leven kwamen. Snel vlogen ze weer dicht, de zon brandde in zijn ogen. Hij keek om zich heen. Het was druk hier, drukker dan bij concerten van ABBA die hij had bijgewoond. Hij zette een paar stappen en verkende. Het was hier gezelliger dan hij had gewild. Hij keek op een bord: Göttingen das verrückteste! In scheve graffiti letters erop gekalkt. Alfrik was beland in Göttingen, een voor hem onbekende stad in Zuid-Duitsland als hij het goed had. Hij was ontsnapt aan het vunzige beest wat zich Roniek kon noemen. Hij walgde even. En toen begon een bekende procedure. Hij viel op de knieën en barstte in traantjes uit. “Zij had het voor mij kunnen zijn!” schreeuwde hij uit. Een voorbijganger sprak hem toe. “Was ist los freund?”
Niek
“Jeetje Roniek, daar overval je me een beetje mee.” zei Alfrik zacht uitgedrukt, terwijl hij Ronieks gezicht langzaam zag veranderen. Het enige waar Alfrik aan kon denken was uit dit rare huis te vluchten. De handen van Roniek, die hem de vorige avond nog zo teder benaderde, werden klauwen, haar haren veranderde in stugge stekels, en ze kreeg een Duits accentje. Alfrik zocht de uitgang van de kamer, maar tevergeefs. Hij belandde op zijn knieën neer. In zijn ooghoek zag hij de deur. Hij probeerde op te staan maar dat lukte net niet, hij strompelde met snelheid uit de kamer en deed de deur dicht. Alfrik had geen enkel idee, waar in godsnaam de uitgang van dit sinistere appartementje zich begaf. Hij was volledig in shock van de onthulling van Roniek, maar hij had geen tijd om daar over na te denken. In de gang werd hij voor een keuze gezet, twee deuren. Hij besloot de rechter te nemen. De deur zag eruit alsof het jaren niet was gebruikt, maar de kamer zag er perfect uit, geen stofje geen vlekje, niks. Zijn oog viel op een glazen kast. In de kast lag elk lichaamsdeel en ingewand van een stekelvarken op alfabetische volgorde, van boven naar beneden, zorgvuldig op gestald. Aan de weerszijde van de kamer stond een capsule, van ongeveer 2x2 m. Op de capsule zaten een aantal knopjes. “Uitgang, Frans Polynesië, Bhutan en Göttingen.” Uitgang leek Alfrik voor de hand liggend. Dus hij drukte op Göttingen, een stad in het zuiden van Duitsland meende hij.
Stefan
Hij keek verder. Het bed was roze, fel roze. De vloer was bedekt met een geel zeil en de wanden zaten vol met oranje verf. Alfrik vond het apart, maar dacht dat hij er wel mee zou kunnen leven. In de hoek van de kamer stond een beeld, wederom een stekelvarken. Op de onderkant stond dit keer schuin gegraveerd: ‘Hystrix cristata’. Waar van Alfrik verwachtte dat het stekelvarken zou betekenen. Hij hoorde een knorretje links van hem. Het was Roniek, ze werd langzaam wakker. Alfrik vond d’r mooi, geil en lief. Ze had in ieder geval een mooier lichaam dan Manogolia vond Alfrik. “Goeiemorgen,” sprak Alfrik zacht. “GROINK GROINK,” klonk er uit Roniek de keel. Alfrik schrok en sprong uit bed, gevolgd door Roniek, die zich haastte naar de badkamer. Een minuut later keerde ze terug. “Sorry Alfrik, ik had je moeten vertellen dat ik een stekelweervarken ben. Iedere nacht word ik een beetje stekelvarken, na 3 dagen ben ik het helemaal,” zei Roniek beschaamd. “Jezus,” zei Alfrik verbaasd.
Niek
Nog nooit, nog nooit had Alfrik zo’n partij seks gehad. De nagels van Roniek stonden gedrukt in zijn rug. Een potje neuken zo goed, zo hard maar toch voorzichtig, zo vulgair maar toch zo beschaafd, was nieuw voor hem. De seks met Manogolia was fijn, maar minder. Het was als een bergbeklimming,ook al had hij lang niet geklommen. Manogolia was de Kilimanjaro, en Roniek was de Mount Everest. Nog nooit had Alfrik zo hoog geklommen. Zijn leuter evenmin. “Mission accomplished, mission accomplished” herhaalde zich in zijn hoofd. Maar dat was niet zo, vertelde zijn hart, er was meer te halen. Alfrik bekeek waar hij zich bevond, eerder had hij niet gekeken naar de woonplaats van Roniek, het schilderij boven het bed van een stekelvarken viel hem op. Het stekelvarken droeg een 3-delig kostuum, bij het voeteinde stond gedrukt met dikke letters PORCUPINE.
Stefan
Hij baalde er een beetje van dat het gesprek met Roniek gestopt was. “Mijn missie moet slagen.” dacht hij sterk. In een menigte van goed verzorgde, naar achter gekamde kapsels, was hij op zoek naar een denderende bos blonde pluimen. Ze straalde eruit en dus was dit geen slecht begin. “Roniek? Wil je met me praten?” vroeg hij. Verbaasd door zijn eigen lef, moest hij een beetje lachen. Nog verbazender was dan nog wel dat Roniek het echt heel graag wilde. Tot in de late uurtjes waren Alfrik en Roniek aan het praten over alles wat maar kon. Paarse nep-kutten, overbuurgeiten, Burkina Faso en uiteraard over de Rick Brandsteder. Een gesprek wat eigenlijk bij de 7 wereld wonderen zou moeten staan vlak onder de lengte van Alfriks penis. Die echt heel klein was. “Ga je met me mee naar mijn huis?” vroeg Roniek. ‘MISSION ACOMPLISHED’ verscheen in neon letters op een gigantisch bord langs de snelweg, te zien door het raam van het uitvaartcentrum. “Indeed it was my friend, indeed it was,” vloeide het wederom Iers-Engels.
Niek
Haar kapsel zag er extravagant en welverzorgd uit. Net zoals alle Maatvelders vond Alfrik. “Wat ziet je haar d’r mooi uit,” floepte Alfrik er per ongeluk uit, en Roniek lachte eventjes. “Ik ben blij dat ik je heb ontmoet Alfrik, Rax had het veel over je,” zei Roniek en liep daarna weg. Alfrik vond dat hij meerdere schouderklopjes verdiende, dit gesprek ging immers als een ge-oliede machine, en zo voelde hij zich ook. Eventjes was hij weer een ladykiller, een gevoel wat Alfrik niet meer sinds groep 5B had gevoeld, Hij had de borsten van juf Mirjam gevoeld. En dat was niet zomaar iets. Elk 10-jarig kind had als doel de borsten van juf Mirjam te voelen. Alfrik werd wakker uit zijn dagdroom en hij ging back to business. De hapjes tafel. De tafel zag eruit alsof hij net een oorlog had mee gemaakt, of een flink potje zeehonden seks had ondersteund. Alfrik had niet eens, tot zijn grote teleurstelling, een lekker in-cervelaatworst-gewikkeld-augurkje kunnen proeven, het ging te snel. De grote boosdoener was tante Connie, Alfrik had haar tijdens het praten met Roniek, betrapt met het stelen van hapjes. Ze stopte ze in een tas met tijgerprint, maar Alfrik had geen zin in commotie dus lachte vriendelijk naar tante Connie en ging verder met zijn gesprek met Roniek.
Stefan
Van een afstand keek hij treurig toe hoe Rax’ werd opgetild, was laten vallen en weer verder werd getild. “Cliché,” dacht Alfrik. Alfrik zag er goed uit vond hij. Zijn haar rook fris en zijn bril was opgepoetst. Van Rax’ leerde hij zijn dikke, grijze, haren nonchalant achter zijn oren te proppen. Dat vond hij eerst niks, maar hij begon het te waarderen en had als ode aan Rax’ het vandaag á la Rax gedaan. Kijkend in een glas bessensap, verscheen en vrouw naast hem. Een goed gevormde vrouw van een jaar of 35. Frisse blonde haren, mooie blauwe ogen en een witte lach vanjewelste. ”Wie bent U als ik vragen mag?” vroeg de vrouw. Alfrik dacht even na, wat hij zou zeggen. Het was een tijd geleden sinds een vrouw tegen hem sprak. “Ik ben Alfrik de Fluijter, mevrouw.” Een goeie keuze vond Alfrik. De vrouw lachte ingetrokken en stelde zich voor. “Roniek Maatvelders, zus van Rax,” spatte ze uit haar mond. Alfrik droomde, althans dat dacht hij.
Niek
Een begin jaren negentig happy hardcore lied speelde zich af. De ceremonie begon. Een man liep het podium op, Alfrik vermoedde dat het Rax’ vader was, zijn haren zaten strak naar achter. Maar daar waar de vermoedelijke vader de steekjes had laten liggen, had Rax die zienbaar verbeterd en in zijn eigen kapsel vervaardigd. “Richiel Maatvelder, vader van Rax” verscheen er op de beamer, en Alfrik’s vermoeden werd bevestigd. Een ontroerende speech volgde en een traan maakte zich een weg op Alfrik’s wang. De ceremonie was bijna over, maar als laatst nog tante Connie, die een “spiets” had gehouden over “Rats”. Alfrik was verreweg van gecharmeerd van deze vertoning en versnelde zich naar de hapjes, waar hij waarschijnlijk gedurende de hele begrafenis zou moeten gaan staan dacht hij.
Stefan
Vier dagen later stond Alfrik in een mislukt mokka kleurig pak bij de kist. De kist was open, gemaakt van Rax’ favoriete metaal, erin lag Rax. Frisjes opgemaakt, met zijn haren in een scheiding in plaats van chique achter zijn oren gepropt. Dat stoorde Alfrik en brutaal als hij was deed hij de haartjes van Rax gladjes achter zijn goed gevormde oren. Rax glimlachte. Zijn ogen gesloten. Alfrik had nooit begrepen waarom mensen een open kist wilde. Hij vond dat je mensen gelijk na de dood moest laten rusten. In een blender doen en aan de kat voeren bijvoorbeeld. Alfrik keek om zich heen. Hij begon te twijfelen over zijn mokka pakje, iedereen om hem heen liep in het zwart. De mensen keken hem vol afgunst aan. “Dresscode verkeerd opgevat?” Snauwde een bekakte man naar hem. Alfrik wendde zijn hoofd naar de grond, door een traan gevolgd. Bescheiden nam hij plaats achterin de zaal, wachtend tot de ceremonie begon.
Niek
“Goeie grap Rax, leuk! Ha-ha wat leuk Rax, je kan nu wel stoppen” Riep Alfrik vanaf de andere kant van de draaimolen. Het duurde even voordat Alfrik besefte dat het geen grap was. Sterker nog, het was een regelrechte ramp. Het was einde oefening voor Rax, en dat besefte Alfrik maar al te goed. Rax, zijn beste vriend sinds tijden, was ten onder gegaan aan op de draaimolen. Rax, zijn beste vriend. Alfrik kon het niet geloven. “Hoe kon ik zoiets doen, ik heb mijn steun en toeverlaat vermoord omdat ik mijn eigen grollen wilden uithalen. Ik had naar hem moeten luisteren.” Alfrik was door zijn benen gezakt en lag op de grond, in diepe rouw. “Hoe krijg ik het ook voor elkaar om een jongen die nog twee weken te leven heeft, vóór die tijd het loodje te laten leggen.” Schreeuwde Alfrik uit. De tijd met Rax flitste in een moment voorbij, de foto van lexa.nl, de e-mail met informatie betreffende zijn coupe, zijn verbluffende entree in de bibliotheek, de febo, zijn humor, zijn alles. Een diepe zucht volgde, en een ambulance auto stopte recht voor zijn neus. Hij kon het niet aanzien, hoe Rax werd afgevoerd. Hij keek dan ook niet. Hij zei tegen zichzelf als opkikker “Rax will be gliding his way to heaven.”
Stefan
Bij de uitgang van de tour op rails, stapte Alfrik snel uit. En liep in een versneld tempo richting de draaimolen. Uiteraard gevolgd door zijn beste vriend Rax. Hij bleef stilstaan. Met zijn tong sloeg Alfrik een druppel kwijl weg van zijn lip, die vrolijk door de lucht vloog en vervolgens op een asfalt pad landde. Kinderen stonden in de rij te wachten voor de gigantische carrousel. Alfrik boog zich naar Rax en zei, “Oké, een plan tussen door! Kinderen bang maken op zijn climax!” Dit sprak Rax wel aan, ook al was hij zelf nog een kind. Na een korte uitleg, maakte zowel Rax als Alfrik zich klaar voor de stunt. Rax verstopte zich onder een replica van een Ford Thunderbird. En hield zijn ogen gericht op Alfrik. Die naar het hokje van de bestuurder liep. Hij gaf de bestuurder 10 euro, 10 euro die Alfrik 5 minuten kermis baas maakten. Het tempo werd opgevoerd, eng hoog. Met tientallen circulaties per minuut vloog Rax in het rond. Rax stoof omhoog maar door de snelheid werd hij naar achter gebonjourt. Een heftige krak klonk. Zijn rug dubbel gevouwen rond een steunpaal van de carrousel. Fin voor Rax.
Niek